Het model achter beleid van deze tijd

Hoe is het rondenmodel beleidsvorming ontstaan? Het eerste uitgewerkte model van beleidsvorming was een fasen- of stappenmodel. In Nederland was het Hoogerwerf die dit model bekend maakte. In dit model wordt beleid gevormd aan de hand van een aantal stappen: problemen/kwesties analyseren, oplossingen in kaart brengen, kiezen uit de oplossingen, evalueren en bijsturen. Worden alle stappen in de goede volgorde en op de goede manier doorlopen, dan moet het resultaat wel goed beleid zijn.

Maar beleid duurt niet eeuwig. Daarom veranderde het stappenmodel in een cirkelmodel. Evaluatie geeft daarbij weer aanleiding tot de formulering van nieuw beleid of het bijstellen van bestaand beleid. Een cirkelmodel dat ook veel gebruikt wordt is de Deming cirkel.

Beleidscyclus Hoogerwerf

Deming cirkel

 

De praktijk is anders

Onderzoek en ervaring wijzen uit dat beleidsvorming in de praktijk niet precies volgens het model verloopt, maar een stuk rommeliger. Oplossingen worden niet pas verzonnen als de problemen in kaart zijn gebracht. Ook komt het voor dat de keuze voor een bepaalde oplossing het startpunt van het proces vormt, bijvoorbeeld de verkiezing van Leeuwarden tot Kulturele Haadstêd 2018. In zo’n geval wordt gaandeweg gekeken voor welke problemen dit nog meer een oplossing zou kunnen bieden. Fases worden ook vaak overgeslagen. Zo zijn bij het meedoen aan de verkiezing voor Kulturele Haadstêd 2018 geen alternatieve oplossingen in kaart gebracht.

Het fasen- en stappenmodel is een statisch model. Het is gebaseerd op de aanname dat problemen en oplossingen niet veranderen. Eén keer goed nadenken zou dus voldoende moeten zijn.

Maar de wereld verandert, en daarmee ook de problemen en mogelijke oplossingen. Daardoor moet beleid steeds weer worden herzien. Dit wil niet zeggen dat het fasenmodel waardeloos is – integendeel. De stappen in het model hebben namelijk allemaal grote waarde in beleidsvorming. Alleen moeten ze niet worden gezien als stappen die na elkaar gezet moeten worden, maar als elementen die allemaal aan bod moeten komen. Aan alle elementen moet aandacht worden besteed: niet ná elkaar, maar tegelijk, meerdere keren, in ronden.

 

Naar ronden in beleidvandezetijd

Een beleidsproces verloopt in de praktijk volgens meerdere ronden. In elke ronde komen alle elementen van een beleidsproces aan bod: probleemdefinitie, oplossingen verzinnen, testen op uitvoeringsrealisme, et cetera. Je begint bijvoorbeeld met een inventarisatie- of verkenningsronde. Daarin breng je, samen met betrokken partijen, alle elementen van het beleid in kaart door vragen te stellen als ‘Wat is de aanleiding voor het beleid? Is er een probleem, een oplossing die opduikt of misschien een politieke wens?’ Daarna volgt een verdiepingsronde en daarna een ronde waarin je bijvoorbeeld de nadruk  legt op de instrumentkeuzes die er zijn. Het werken in meerdere ronden biedt de mogelijkheid om tussenproducten te maken, zoals startnotities.

Werk je in ronden, dan werk je van grof naar fijn. In elke ronde draait het om vier onderdelen: kiezen, kijken, sturen en doen. Deze vier elementen komen in beleidvandezetijd uitgebreid aan bod. Hieronder een afbeelding van het door ons gebruikte model, gebaseerd op het rondenmodel. Dat is ook meteen een ingang van de site.

Het ronden-model

beleidsmodel